Nierproblemen
Door de behandeling kunnen uw nieren beschadigen. Hierdoor kunnen de nieren afvalstoffen en andere schadelijke stoffen minder goed uit het bloed halen. Deze stoffen blijven dan langer in het lichaam.
Uw zorgverlener controleert uw bloed om te zien of uw nieren goed werken. Werken uw nieren minder goed? Dan kan de arts de behandeling aanpassen. Meestal merkt u zelf niet dat uw nieren minder goed werken. Pas bij heel erge nierproblemen kunt u klachten krijgen.
De volgende klachten kunnen voorkomen:
- vocht vasthouden, te merken aan dikke vingers, dikke enkels of zwaarder worden
- minder plassen dan normaal
- hoofdpijn
- moe zijn
- kramp in de spieren
- minder zin in eten
- kortademig zijn
- hoge bloeddruk
- jeukende en/of droge huid
Advies
- Het is belangrijk om genoeg te blijven drinken, minstens 1,5 tot 2 liter per dag. Dit zijn ongeveer 10-12 glazen. Denk aan water of thee.
- Neem meteen contact op met uw zorgverlener als u:
- Niet genoeg kunt drinken: minder dan 1,5 liter per dag.
- Last heeft van uitdroging. Dit is bijvoorbeeld te merken aan een droge mond en droge huid. En aan weinig of niet kunnen plassen en donkerbruine plas.
Gewijzigd: 29 juli 2026