Abiraterone - Prednison
Geselecteerde behandeling: hormonale therapie
Inleiding
Dit behandelplan bevat informatie over de behandeling die aan u is geadviseerd.
Deze informatie bestaat uit:
- uitleg over de medicijnen waarmee u behandeld wordt;
- een lijst met bijwerkingen die vaker dan 10% voorkomen bij uw behandeling;
- adviezen hoe u met de bijwerkingen om kunt gaan.
Het kan zijn dat er door de combinatie van middelen tegenstrijdige bijwerkingen worden genoemd, zoals diarree èn verstopping; verhoogde èn verlaagde bloeddruk; gewichtstoename èn gewichtsafname. De oncologieverpleegkundige vertelt u wat in dat geval voor u van toepassing is.
De genoemde bijwerkingen zijn mogelijke bijwerkingen: zij kunnen zich voordoen, maar het hoeft niet.
Het kan ook zijn dat u bijwerkingen ervaart die niet genoemd zijn. Aarzel niet om dit te bespreken met de oncologieverpleegkundige, het kan een bijwerking betreffen die minder vaak voorkomt en daarom niet in deze informatie is opgenomen.
Deze informatie is eventueel ook bedoeld voor hulpverleners met wie u thuis te maken heeft. Tijdens deze periode kan het namelijk voorkomen dat u, behalve met de arts en de verpleegkundigen van het ziekenhuis, ook te maken krijgt met de verpleegkundigen van de thuiszorg of bijvoorbeeld de tandarts. Het is belangrijk dat zij ook weten met welke medicijnen u behandeld wordt.
Algemene informatie
Abiraterone (merknaam Zytiga) is een behandeling van prostaatkanker, een vorm van hormonale therapie. De aanmaak van androgenen door de bijnieren en prostaatkankercellen wordt geblokkeerd.
Abiraterone wordt altijd samen met prednison gebruikt en eventueel ook andere hormoonremmers die al eerder door uw arts zijn voorgeschreven.
Behandelschema
|
Medicijnen |
Dagelijks |
Wijze van toediening |
|
Abiraterone (Zytiga®) |
1 x daags 1000 mg |
De tabletten moet u op een lege maag innemen. Neem dit medicijn daarom ten minste 1 uur voor of ten minste 2 uur na het eten in. Neem de tabletten 1 maal daags met een glas water op ongeveer hetzelfde tijdstip in. |
|
Prednison |
2 x daags 5 mg |
Tabletten bij ontbijt en avondeten innemen |
Prednison of prednisolon vermindert de mogelijke bijwerkingen van de Abirateron (zoals hoge bloeddruk, laag kalium in het bloed en zwelling van de benen als gevolg van het teveel vocht vasthouden door het lichaam). Het is belangrijk de prednison te gebruiken zoals aangegeven.
Het eten van bananen of tomaten of peulvruchten kan helpen om uw niveau van kalium te behouden.
Vermijd het eten van voedingsmiddelen met een hoog zoutgehalte.
SUPPLEMENTEN
U wordt afgeraden om tijdens deze behandeling supplementen te gebruiken die de volgende stoffen/kruiden bevatten: St. Janskruid (Hypericum Perforatum) Normaal gebruik van kruiden in de voeding is toegestaan!
Voetnoot behandelplan
De levering van de Abirateron tabletten gaat via ziekenhuisapotheek Scheldezoom Farmacie (0113 317547). (De levering van Prednison gaat via uw eigen huisapotheek.)
Scheldezoom Farmacie neemt voorafgaand aan start van de behandeling contact met u op.
Houd u bij inname van de Abirateron tabletten rekening met het volgende:
- Bewaar de medicijnen zoals voorgeschreven staat in de bijsluiter.
- Indien u meer tabletten/capsules heeft ingenomen dan uw arts heeft voorgeschreven, neemt u dan direct contact op met de oncologieverpleegkundige. Wacht met de inname van de volgende tabletten totdat u met de oncologieverpleegkundige heeft gesproken.
- Indien u bent vergeten de tabletten/capsules in te nemen:
- Neem de volgende inname gewoon zoals gepland.
- Neem geen dubbele dosis om een vergeten dosis in te halen.
Beschermende maatregelen ten aanzien van excreta
- Abirateron: geen risico
Abirateron
Stop met het innemen en raadpleeg onmiddellijk een arts als u een van de volgende verschijnselen opmerkt: Spierzwakte, spiertrekkingen of bonzen van uw hart (hartkloppingen). Dit kan erop wijzen dat de hoeveelheid kalium in uw bloed te laag is.
Het innemen van abirateronacetaat met voedsel kan bijwerkingen veroorzaken.
Gevolgen voor vruchtbaarheid en ongeboren kind
Deze informatie is relevant voor vrouwen én mannen in de vruchtbare leeftijd.
Vrouwen mogen tijdens de behandeling en ook in een bepaalde periode daarna meestal niet zwanger worden. Er kunnen
risico’s zijn voor het ongeboren kind. Bij mannen is minder goed bekend of een behandeling, zoals chemotherapie,
tijdelijk invloed kan hebben op de kwaliteit van het zaad en of dit risico’s met zich meebrengt voor het ongeboren
kind.
Ook kan de behandeling van kanker ervoor zorgen dat u (later) minder vruchtbaar bent. Dit hangt af van het soort medicijnen, de combinatie van medicijnen, de dosering, het soort kanker en uw leeftijd.
Bespreek vóór de start van de behandeling wat dit in uw situatie betekent. Bijvoorbeeld of – en hoe lang – u
maatregelen moet nemen om een zwangerschap te voorkomen.
Heeft u een kinderwens? Bespreek dan met uw zorgverlener de mogelijkheid van invriezen van sperma of eicellen vóór
het starten van de behandeling.
Middelen met hun bijwerkingen
Abirateron (hormonale therapie)
Bijwerkingen en adviezen
Blaasproblemen
Door de behandeling kunnen blaasproblemen ontstaan door beschadiging of irritatie van de blaaswand.
blaasontsteking
Door een behandeling kan de wand van de blaas beschadigd raken of geïrriteerd worden. Als de blaaswand beschadigd is, kunnen er meer bacteriën in de blaas komen. Die bacteriën kunnen een ontsteking veroorzaken. Dat noemen we een blaasontsteking.
De volgende klachten kunnen voorkomen:
- een branderig gevoel of pijn bij het plassen
- pijn in de onderbuik
- vaker plassen dan normaal
- kleine beetjes plassen of niet goed kunnen (uit)plassen
- bloed in uw plas
- sterk ruikende en/of troebele plas
Advies
- Het is belangrijk om genoeg te blijven drinken, minstens 1,5 tot 2 liter per dag. Dit zijn ongeveer 10-12 glazen. Denk aan water, thee, bouillon, sap of limonade.
- Ga meteen plassen als u voelt dat u moet.
- Plas uw blaas helemaal leeg. Dit gaat het beste als u rechtop zit op de wc. Neem rustig de tijd om te plassen en probeer te ontspannen.
- Om de kans op een blaasontsteking te verminderen geldt voor vrouwen het advies om meteen na de seks te gaan plassen.
- Neem direct contact op met uw zorgverlener als u:
- veel bloed plast, dat wil zeggen meer dan een half kopje.
- pijn heeft bij het plassen.
- koorts heeft (38,5 graden of meer).
- last heeft van koude rillingen (klappertanden en rillen).
Laatst gewijzigd: 13 oktober 2025
Leverproblemen
Door de behandeling kan de leverfunctie verstoord raken. Stoornissen van de leverfunctie zijn vaak te zien aan afwijkingen in het bloed. Daar zult u in eerste instantie niet veel van merken. Pas bij ernstige leverfunctiestoornissen kunt u klachten krijgen als vermoeidheid, complete malaise of het geel worden van de huid of ogen (geelzucht).
Als er leverfunctiestoornissen optreden, kunnen die het verloop van de behandeling veranderen. U krijgt bijvoorbeeld een lagere dosis toegediend of de behandelend arts schrijft een ander middel voor.
Advies
- Heeft u klachten die (kunnen) wijzen op ernstige leverfunctiestoornissen, meldt dit dan aan uw behandelend arts.
Maag-darmklachten
Door de behandeling kunt u last krijgen van maag-darmklachten. Dit zijn klachten die te maken hebben met het spijsverteringskanaal. Deze loopt van de mond tot en met de anus. Klachten kunnen zijn: een ander ontlastingspatroon, maag- of buikpijn, opgeblazen gevoel of winderigheid.
diarree
Diarree is waterige dunne ontlasting waarvoor u meer dan 3 keer per dag naar de wc moet. Bij diarree nemen de darmen minder vocht en voedingsstoffen op. Dit komt door irritatie van de darmen, waardoor de darmen minder goed werken. Vaak komt de aandrang plotseling. En is het ophouden van de diarree moeilijk of lukt het zelfs helemaal niet.
De volgende klachten kunnen optreden:
- een waterige of dunne ontlasting
- bloed of slijm bij de ontlasting
- buikpijn en/of buikkrampen
- opgeblazen gevoel
- vaak naar de wc moeten
- misselijk zijn en overgeven
- koorts
- als u een stoma heeft voor de ontlasting, moet u het zakje vaker legen dan normaal.
Advies
Wat moet u doen bij diarree:
- Neem contact op met uw zorgverlener als u:
- langer dan 24 uur diarree heeft.
- bloed of slijm bij de ontlasting heeft.
- moet overgeven en diarree heeft.
- Houd bij hoe vaak en hoe veel ontlasting u heeft.
- Door de diarree verliest u meer vocht dan normaal. Het is belangrijk om genoeg te blijven drinken, minstens 1,5 tot 2 liter per dag. Dit zijn ongeveer 10-12 glazen. Denk aan water, thee, bouillon, sap of limonade. Varieer met zowel zoete als zoute dranken. Genoeg drinken kan in het begin lastig zijn, omdat u niet altijd dorst heeft. Het kan dan helpen om op te schrijven wat u heeft gedronken.
Wat kunt u nog meer doen bij diarree:
- Voeding is meestal niet de oorzaak van diarree. Een streng dieet is niet nodig. Wel kan het helpen om verschillende dingen te eten. Vasten of minder eten is niet verstandig.
- Vermijd koffie, alcohol, zure dranken, producten met zoetstoffen of producten met lactose.
- Eet of drink (tijdelijk) meer zout. Als u diarree heeft, verliest u meer zout dan normaal. Neem regelmatig een kopje soep of bouillon. Overleg met uw zorgverlener als u niet te veel zout mag eten.
- Eet kleine porties. Kies in plaats van 3 grote maaltijden voor kleinere porties verdeeld over de dag.
Neem nooit medicijnen, supplementen of probiotica (bacteriën die de darmen kunnen helpen) tegen diarree zonder dit met uw zorgverlener te bespreken.
Kijk hier voor meer adviezen over wat u kunt eten bij diarree.
Ook kunt u bij diarree last krijgen van wondjes en pijn rondom de anus. Hieronder vindt u adviezen wat u moet doen als u wondjes en/of pijn rondom uw anus heeft:
- Maak uw huid schoon met zacht toiletpapier.
- Was de huid al deppend zonder zeep.
- Gebruik vette zalf rondom het anale gebied om de jeuk te verzachten.
Laatst gewijzigd: 15 april 2025
Vocht vasthouden
Door de behandeling kan uw lichaam meer vocht vasthouden. Dit heet oedeem. Meestal verdwijnt het vocht vanzelf weer. Hoelang dat duurt, hangt af van de behandeling. Ook kan het per persoon anders zijn.
De volgende klachten kunnen voorkomen:
- dikke enkels of onderbenen
- dikke vingers, handen of armen
- opgezwollen gezicht
- zwaarder worden
- moeite met ademen
- benauwd worden bij plat liggen
- minder plassen dan u gewend bent
Advies
- Zorg dat u voldoende beweegt. Regelmatig bewegen, zoals wandelen of yoga, kan ervoor zorgen dat het vocht weer terugkomt in de bloedsomloop. Dat helpt om minder vocht vast te houden.
- Leg uw benen voeten hoog als u zit of ligt. Zorg dat uw benen hoger liggen dan uw billen. Gebruik bijvoorbeeld een voetenbankje of leg kussens op de bank of onder uw matras.
- Gebruik compressiesokken.
- Neem direct contact op met uw zorgverlener als u:
- benauwd bent terwijl u niets doet of als u ligt
- (plotselinge) pijn of druk op de borst heeft
- plotseling een zwelling in het gezicht krijgt
- één been heeft dat dikker, roder of pijnlijker is dan het andere been.
Let op: Deze bijwerking gaat over vocht vasthouden door chemotherapie, immuuntherapie, doelgerichte therapie of hormoontherapie. Houdt u door een andere oorzaak vocht vast? Dan kunnen de adviezen anders zijn. Bespreek dit dan met uw zorgverlener.
Laatst gewijzigd: 15 april 2025
Hoge bloeddruk
Door de behandeling kunt u een hoge bloeddruk krijgen. De bloeddruk is de druk in je bloedvaten. Deze druk is nodig om bloed rond te pompen in het lichaam. Bij een hoge bloeddruk is de bovendruk hoger dan 140 en/of de onderdruk hoger dan 90. Uw zorgverlener meet uw bloeddruk regelmatig. Als uw bloeddruk te hoog is, kan uw zorgverlener u medicatie geven.
Een hoge bloeddruk voelt u meestal niet. Maar soms kunt u wel last krijgen van klachten zoals:
- hoofdpijn
- moe zijn
- misselijk zijn
- kortademig zijn
- problemen met zien
- duizelig zijn
Advies
- Eet gezond en gevarieerd. Eet niet te veel zout, drop, zoethoutthee of zoute snacks.
- Zorg dat u voldoende beweegt. Regelmatig bewegen, zoals wandelen of fietsen, helpt om de bloeddruk goed te houden.
- Streef een gezond gewicht na.
- Rook niet en drink geen alcohol.
- Vermijd of verminder koffie drinken.
- Meet uw temperatuur. Heeft u een temperatuur van boven de 38,5°C? Neem dan direct contact op met uw zorgverlener.
Dit zijn algemene adviezen. In uw situatie kunnen andere adviezen gelden. Bespreek dit met uw zorgverlener.
Laatst gewijzigd: 21 augustus 2025